Tekst van Ip Man

 

De Chinese tekst was een concept van wijlen grootmeester Yip Man en was
bedoeld als voorbereiding en aanzet voor een mogelijke oprichting van de
'Ving Tsun Tong Fellowship'. De oprichting van de 'Ving Tsun Tong
Fellowship' kwam echter nooit tot stand. In de plaats daarvan werd
uiteindelijk op 24 augustus 1967 de 'Ving Tsun Athletic Association' opgericht.

“The Origin of Wing Chun”

De stichter van het 'Ving Tsun Tong Fellowship', Yim Ving Tsun, was
afkomstig uit Canton China. Als jong meisje was ze intelligent en
sportief, zij had een hoge moraal en was krachtig als een man. Zij was
verloofd met Leung Bok Chau, een handelaar in zout uit Fukien.

Korte tijd hierna overleed haar moeder. Haar vader, Yim Yee, werd
valselijk van een misdrijf beschuldigd en ontliep op het nippertje de
gevangenis. Het gezin verhuisde daarom naar een afgelegen plek en
vestigde zich uiteindelijk aan de voet van de berg Tai Leung, aan de
grens tussen Yunnan en Szechuan. Daar bouwden zij een bestaan op. Dit
alles gebeurde tijdens de regeerperiode van de Keizer K'Anghsi (1662 - 1722).

In die tijd hield men zich in het klooster Siu Lam (Shaolin Klooster)
bij de berg Sung te Honan, intensief bezig met kungfu.

Dit verontrustte de regering van Manchu en die gaf een troepenmacht opdracht
het klooster aan te vallen. Zonder succes.

Een man, genaamd Chan Man Wai, stond dat jaar als ambtenaar als eerste
op de lijst om bevorderd te worden. Hij wilde in de gunst komen bij de
regering en deed een voorstel. Hij smeedde een geheim plan met Siu Lam
monnik Ma Ning Yee en enkele anderen. Zij staken het klooster in brand,
terwijl de soldaten het van de buitenkant aanvielen. Het klooster Siu
Lam werd platgebrand en de monniken werden uit elkaar gedreven.

De Bhoedistische non Ng Mui, abt Chi Sin, abt Pak Mei en de
leraren Fung To Tak en Miu Hin ontsnapten en vervolgden ieder hun eigen
weg.

Ng Mui zocht haar toevlucht in de tempel van de Witte Kraanvogel bij de
berg Tai Leung, ook wel genaamd berg Chai Har.

Daar leerde zij Yim Yee en zijn dochter Yim Ving Tsun kennen. Zij kocht
bonenkwark in hun winkel en zij werden vrienden.

Yim Ving Tsun was indertijd een jong vrouw geworden en haar schoonheid trok
de aandacht van de plaatselijk bullebak. Hij probeerde Yim Ving Tsun te
dwingen met hem te trouwen. Yim Ving Tsun en haar vader maakten zich daar
ernstige zorgen over. Ng Mui hoorde hiervan en kreeg medelijden met Yim Ving
Tsun. Zij wilde Yim Ving Tsun wel vechttechnieken leren, opdat zij zichzelf
zou kunnen beschermen. Op deze manier zou zij het probleem met de
bullebak kunnen oplossen en met haar verloofde Leung Bok Chau kunnen
trouwen.

Daarom volgde Yim Ving Tsun en Ng Mui naar de bergen en begon daar kungfu te
leren. Zij trainde dag en nacht en bekwaamde zich in de technieken.
Vervolgens daagde zij de plaatselijke bullebak uit tot een gevecht en
versloeg hem.

Ng Mui maakte aanstalten met haar rondreis door het land, maar gaf voor
haar vertrek de opdracht de Ving Tsun tradities zorgvuldig in ere te
houden, deze ook na haar huwelijk verder te ontwikkelen en het volk te
helpen de Manchu-regering omver te werpen en de Ming Dynastie te
herstellen. Op deze wijze heeft Ng Mui het
kungfu doorgegeven.

Na haar huwelijk leerde de jonge vrouw haar man Leung bok Chau kungfu, die op
zijn beurt zijn kungfu technieken weer doorgaf aan Leung Lan Kwai. Leung
Lan Kwai gaf deze weer door aan Wong Wah Bo.

Wong Wah Bo was lid van een operagezelschap dat optrad op een jonk, een
zeilschip. Dit schip stond bij de Chinezen bekend als de Rode Jonk. Wong
Wah Bo werkt op deze Rode Jonk met Leung Yee Tei. Toevallig werkte abt
Chi Shin, die uit het klooster Siu Lam gevlucht was en zich vermomd had
als kok, ook op deze Rode Jonk.

Chi Shin leerde de 6,5 voet lange stoktechnieken aan Leung Yee Tei. Wong
Wah Bo had een goede verstandhouding met Leung Yee Tei en zij deelden
hun kungfu kennis met elkaar. Zij vulden elkaar aan en verbeterden hun
technieken en zo maakte de 6,5 voet lange stok vanaf dat moment deel uit
van de Ving Tsun kungfu technieken.

Leung Yee Tei gaf deze kungfu technieken weer door aan Leung Jan, een
bekende kruidendokter in Fat Shan. Leung Jan begreep de diepste geheimen
van het Ving Tsun als geen ander, en bereikte het hoogste niveau van
bekwaamheid.

Hij werd door menig kungfu meester uitgedaagd, maar hij versloeg ze
allemaal.

Leung Jan werd hierdoor erg beroemd. Leung Jan gaf zijn kennis later
weer door aan Chan Wah Sham, die op zijn beurt tientallen jaren geleden
mijn eigen leermeester was. Ik beoefende het kungfu samen met mijn
kungfu kameraden Ng Si Lo, Ng Chung Sao, Chan Yiu Min en Lui Yui.

Op deze wijze werd het Ving Tsun aan ons doorgegeven en wij zijn onze
kungfu voorouders en leraren eeuwig dankbaar hiervoor. Wij zullen onze
afkomst nooit vergeten en verloochenen en dit gezamenlijk streven zal
altijd de verbindende schakel tussen mijn kungfu kameraden zijn.

Dit is de reden, dat ik de Ving Tsun Fellowship organiseer en ik hoop
dan ook dat mijn kungfu vrienden mij hierin zullen steunen. Dit zal van
groot belang zijn voor de toekomst van het Ving Tsun kungfu.

Originele tekst van Yip Man.

“The Origin of Wing Chun”

 

Vertaald van Engels naar het Nederlands door Frans Samethini

Silvano Bonafe